Artikel 4:72 lid 5 Awb biedt rechtstreekse wettelijke grondslag voor verplichte vergoeding egalisatiereserve

Artikel 4:72 lid 5 Awb biedt rechtstreekse wettelijke grondslag voor verplichte vergoeding egalisatiereserve

en

Als sprake is van een per boekjaar verstrekte subsidie en titel 4.2.8 Awb daarop van toepassing is verklaard, vloeit de verplichting van een subsidieontvanger tot betaling van een vergoeding aan de subsidieverstrekker in verband met een opgebouwde egalisatiereserve rechtstreeks voort uit artikel 4:72 lid 5 Awb. Een afzonderlijk wettelijk voorschrift als bedoeld in artikel 4:41 lid 1 Awb is dan niet vereist. Dat is de kern van de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van 8 mei 2019 in een geschil tussen Stichting Zorgbelang Gelderland en het college van gedeputeerde staten van de provincie Gelderland. Met dit oordeel geeft de Afdeling antwoord op de vraag of bij – onder meer de – beëindiging van de subsidierelatie (en voorts in de in artikel 4:41 lid 2 onder c en e Awb genoemde gevallen) een op een wettelijk voorschrift gebaseerde vergoedingsplicht bestaat bij toepassing van een egalisatiereserve. Voordat de casus en (de betekenis van) het oordeel van de Afdeling aan bod komen, bespreken wij eerst kort wat een egalisatiereserve is. Lees meer…

De Afdeling kiest voor de klare lijn in rechtsbescherming: de gedoogbeslissing is niet (langer) appellabel

De Afdeling kiest voor de klare lijn in rechtsbescherming: de gedoogbeslissing is niet (langer) appellabel

en

Een gedoogbesluit is geen besluit in de zin van de Awb en dit geldt ook voor de weigering of intrekking ervan. Tot dit oordeel kwam de grote kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in haar uitspraak van 24 april 2019. Gedoogbeslissingen kunnen vanaf de datum van de uitspraak niet meer worden aangevochten bij de bestuursrechter. In zijn conclusie van 16 januari 2019 opperde staatsraad advocaat-generaal mr. R.J.G.M. Widdershoven om gedoogbeslissingen met het oog op rechtsbescherming voor derde-belanghebbenden met een besluit gelijk te stellen en voor de rechtsbescherming van de overtreder aan te sluiten bij de rechtspraak over bestuurlijke rechtsoordelen. De Afdeling bestuursrechtspraak kiest er echter voor om alle gedoogbeslissingen niet met een besluit in de zin van de Awb gelijk te stellen. Lees meer…

Sms- en WhatsApp-berichten vallen onder de Wob: hoe nu verder?

Sms- en WhatsApp-berichten vallen onder de Wob: hoe nu verder?

, en

Op 20 maart 2019 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak uitspraak gedaan over de vraag of de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) van toepassing is op sms- en WhatsApp-berichten. De uitspraak is helder: op sms- en WhatsApp-berichten over een bestuurlijke aangelegenheid is de Wob van toepassing, ongeacht of deze berichten op de zakelijke of privé telefoon van een bestuurder of ambtenaar staan. Of dit nu tot meer openbaarheid leidt, is maar de vraag.

De Afdeling signaleert al dat de uitspraak niet betekent dat er geen vertrouwelijke berichten meer per sms of WhatsApp kunnen worden verstuurd. Vaak zal sprake zal zijn van persoonlijke beleidsopvattingen bestemd voor intern beraad die op grond van artikel 11 Wob niet voor openbaarmaking in aanmerking komen. Ook het goed functioneren van het bestuur kan in de weg staan aan openbaarmaking van de berichten (artikel 10, tweede lid, onder g, Wob), evenals andere uitzonderingsgronden van artikel 10 Wob. Hoe dan ook, met de uitspraak staat vast dat in voorkomende gevallen sms- en WhatsApp berichten (lees: chatberichten) in de besluitvorming over een Wob-verzoek zullen moeten worden betrokken. Dat is – zacht uitgedrukt – gemakkelijker gezegd dan gedaan. Hoe moet dit nu verder? Lees meer…

Jaarverslag Raad van State 2018: een oproep aan de wetgever om zijn rol in de trias waar te maken

Jaarverslag Raad van State 2018: een oproep aan de wetgever om zijn rol in de trias waar te maken

en

Eén van de vaste momenten in het bestuursrechtelijk jaar is de publicatie van het jaarverslag van de Raad van State. Daarin geeft de Raad van State een overzicht van ontwikkelingen die de Raad waarneemt in zijn taak als adviseur en hoogste bestuursrechter. Wij stellen vast dat dit jaarverslag een sterk accent legt op thema’s rondom de kwaliteit van wetgeving en de gevolgen die dat heeft voor de verhoudingen binnen de trias. Dat lijkt taaie kost, maar blijkt – bij lezing van het jaarverslag – boeiende lectuur voor iedereen die te maken heeft met het opstellen en uitvoeren van regelgeving, zowel bij de rijksoverheid, als bij decentrale overheden. In dit blogbericht staan we stil bij de belangrijkste thema’s die in het jaarverslag over 2018 aan de orde komen. Lees meer…

Conclusie over vertrouwensbeginsel: A-G kiest voor meer burgerperspectief

Conclusie over vertrouwensbeginsel: A-G kiest voor meer burgerperspectief

en

Kan een uitlating van een ambtenaar die als een toezegging opgevat mag worden, de gerechtvaardigde verwachting wekken dat een overheidsorgaan geen herstelsanctie zoals een dwangsom of bestuursdwang oplegt, ondanks overtreding van een vergunningplicht? En als die toezegging niet wordt nagekomen omdat andere belangen, bijvoorbeeld die van een derde, meer wegen, moet het bestuur eventuele schade van de vertrouwende burger vergoeden? In de op 20 maart 2019 verschenen conclusie behandelt staatsraad advocaat-generaal mr. P.J. Wattel deze vragen op verzoek van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak. Lees meer…