Archief van: maart 2020


Staatssteun in tijden van corona: dit moet je weten

Staatssteun in tijden van corona: dit moet je weten

Wanneer lidstaten sectoren of specifieke ondernemingen financieel willen steunen, moeten zij voldoen aan de Europese staatssteunregelgeving. Kan geen gebruik worden gemaakt van één van de vrijstellingen, dan zal een voorgenomen steunmaatregel op grond van artikel 108, lid 3 van het EU Werkingsverdrag (VWEU) moeten worden aangemeld bij de Europese Commissie (Commissie). De Commissie zal vervolgens beoordelen of de voorgenomen steunmaatregel kan worden goedgekeurd. Een steunmaatregel mag niet tot uitvoering worden gebracht voordat de Commissie in een besluit haar goedkeuring heeft gegeven.

Gelet op het belang dat lidstaten snel en effectief maatregelen kunnen nemen om de economische gevolgen van de uitbraak van COVID-19 (coronavirus) tegen te gaan, heeft de Commissie in een aantal mededelingen verduidelijkt hoe zij de staatssteunregelgeving zal toepassen op steunmaatregelen die verband houden met de uitbraak van het coronavirus. In dit blog bespreken wij (de toepassing van) de verschillende mogelijke grondslagen voor steunverlening naar aanleiding van de corona-uitbraak. (meer…)

Heroverweging van (de weigering van) bestuurlijke herstelsancties: kom los van het ex tunc-ex nunc denken

Heroverweging van (de weigering van) bestuurlijke herstelsancties: kom los van het ex tunc-ex nunc denken

Artikel 7:11 van de Awb schrijft voor dat een besluit wordt heroverwogen als daartegen bezwaar wordt gemaakt. Die heroverweging moet in beginsel plaatsvinden met inachtneming van alle feiten en omstandigheden van het moment van de heroverweging (ex nunc). Voor sanctiebesluiten wordt veelal aangenomen deze in de bezwaarfase worden beoordeeld naar de feiten en omstandigheden ten tijde van het primaire besluit (ex tunc). Daaraan ligt de gedachte ten grondslag dat het niet zo moet zijn dat de overtreder aan effectieve handhaving kan ontkomen door kort voor het besluit op bezwaar de overtreding te beëindigen, waarna het sanctiebesluit moet worden herroepen (om vervolgens het laakbare gedrag na het besluit op bezwaar te kunnen hervatten).

Over de vraag of deze vuistregels de heersende rechtsopvatting wel correct weergeven en of en in welke mate zij kunnen worden toegepast op de spiegelbeeldige situatie, waarin het juist gaat om bezwaren tegen de afwijzing van een handhavingsverzoek, gaat de meest recente conclusie van staatsraad advocaat-generaal mr P.J. Wattel. In zijn conclusie beantwoordt de staatsraad advocaat-generaal de hem voorgelegde vragen en geeft hij de handhavingspraktijk een aantal praktische handvatten voor de omgang met vraagstukken rondom de heroverweging van besluiten op handhavingsverzoeken. (meer…)

Wetsvoorstel resultaatgericht beschikken en vereenvoudigen geschilbeslechting

Wetsvoorstel resultaatgericht beschikken en vereenvoudigen geschilbeslechting

Op 15 januari jl. heeft de minister van VWS een voorstel tot wijziging van de Wmo 2015 in consultatie gebracht. Een van de belangrijkste onderdelen van de beoogde wijziging bestaat uit het vereenvoudigen van geschilbeslechting onder de Wmo 2015. Dit houdt in dat het mogelijk zal worden geschillen over de uitvoering van maatwerkvoorzieningen door een private aanbieder onder de Wmo 2015 bij het college van B&W of bij de bestuursrechter aan de orde te stellen. De sleutel daarvoor vormt de introductie van een klachtinstrument voor de burger. De reactie van het college van B&W op die klacht zal worden gelijkgesteld met een besluit, waartegen rechtsbescherming – rechtstreeks beroep – open staat. Daarnaast krijgen gemeenten op basis van het voorstel ruimte om resultaatgericht te indiceren. Wat is de aanleiding voor dit wijzigingsvoorstel geweest, en wat zijn de implicaties van de beoogde wijzigingen voor de cliënt en voor het bestuursprocesrecht?

(meer…)