Alle berichten van: Dana van Weerden


Woo update #8: bepalingen in de Woo voor journalisten, onderzoekers en andere personen met een beroepsmatig belang bij informatie

Woo update #8: bepalingen in de Woo voor journalisten, onderzoekers en andere personen met een beroepsmatig belang bij informatie

Op 1 mei 2022 treedt de Wet open overheid (Woo) in werking en vervalt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De ambitie van de Woo is overheden transparanter te maken en informatie beter vindbaar en raadpleegbaar te maken. In Woo update #8 besteden we aandacht aan twee regelingen uit de Woo die specifiek van belang zijn voor personen met een beroepsmatig belang bij overheidsinformatie. U leest wat er is geregeld over de toegang tot informatie die geraadpleegd wordt voor onderzoek en wat personen met een beroepsmatig belang bij informatie kunnen doen als zij belemmeringen ervaren bij het zoeken naar informatie bij overheden.

(meer…)

Woo update #7: bijzondere informatieverstrekking

Woo update #7: bijzondere informatieverstrekking

Op 1 mei 2022 treedt de Wet open overheid (Woo) in werking en vervalt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Informatie die niet voor eenieder openbaar kan worden gemaakt, kan straks mogelijk wel op grond van de Woo aan één of enkele personen worden verstrekt. Deze ‘bijzondere informatieverstrekking’ kan aan de orde zijn bij informatie die betrekking heeft op de verzoeker (artikel 5.5 Woo), als er klemmende redenen zijn om de verzoeker de gevraagde informatie niet te onthouden (artikel 5.6 Woo) of als het gaat om toegang tot informatie ten behoeve van onderzoek (artikel 5.7 Woo). Deze modaliteit is nieuw ten opzichte van de Wob, die niet voorziet in de mogelijkheid om de kring van personen aan wie de informatie beschikbaar wordt gesteld, te beperken.

In het zevende deel van onze blogreeks besteden we aandacht aan de verstrekking van informatie die betrekking heeft op de verzoeker en de verstrekking van informatie wegens klemmende redenen. De verstrekking van informatie ten behoeve van onderzoek komt aan de orde in ons volgende blog over de bepalingen in de Woo die specifiek in het leven zijn geroepen voor personen met een beroepsmatig belang bij informatie, zoals journalisten en wetenschappers.

(meer…)

Beperkte kennisneming van dossierstukken vanwege gewichtige redenen: een overzichtsuitspraak van de Afdeling

Beperkte kennisneming van dossierstukken vanwege gewichtige redenen: een overzichtsuitspraak van de Afdeling

Procespartijen hebben recht op kennisneming van alle stukken uit het dossier. In het bestuursrecht kan, als daar gewichtige redenen voor zijn, een uitzondering op dit uitgangspunt worden gemaakt. Daarbij zijn er twee smaken: de partij weigert volledig om de stukken te overleggen of de partij deelt mede dat uitsluitend de bestuursrechter van de stukken kennis mag nemen. De bestuursrechter beslist vervolgens of de weigering dan wel beperking van de kennisneming gerechtvaardigd is (artikel 8:29, derde lid, Awb).

Op 10 juni 2020 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) een handzame en voor de praktijk behulpzame overzichtsuitspraak gedaan over verzoeken om beperkte kennisneming van stukken op grond van artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In dit blog bespreken wij de door de Afdeling genoemde hoofdlijnen en voegen daar hier en daar een praktische opmerking aan toe. (meer…)

Hoger beroep door bestuursorganen: voorkom procesbesluitstress!

Hoger beroep door bestuursorganen: voorkom procesbesluitstress!

Het instellen van (incidenteel) hoger beroep tegen een rechtbankuitspraak door (of namens) een bestuursorgaan vraagt bijzondere aandacht voor de bevoegdheid van de ambtenaar die het hoger beroep instelt. Het ontbreken van een (bevoegd genomen) procesbesluit leidt tot niet-ontvankelijkheid van een (incidenteel) hoger beroep. De rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op dit punt is onverbiddelijk: het ontbreken van een procesbesluit en de onbevoegdheid van de ambtenaar die het hoger beroep instelde, kunnen slechts gedurende de termijn voor het instellen van het (incidenteel) hoger beroep worden hersteld en bekrachtiging in een later stadium van de procedure is niet mogelijk.

Het is dus zaak om dergelijke technische fouten bij het instellen van (incidenteel) hoger beroep tijdig te onderkennen en te herstellen. Dat het niet altijd goed gaat, en dat gemeentelijke organisaties er goed aan doen om hun bevoegdheidsregelingen omtrent het besluiten tot (en het daadwerkelijk instellen van) rechtsmiddelen up to date te houden, illustreert de Afdelingsuitspraak van 22 april 2020. (meer…)