Het nieuwe jaar is van start gegaan en dit brengt veranderingen met zich mee in wet- en regelgeving. In het kort bespreek ik een aantal wijzigingen per 1 januari 2018. Daarnaast bespreek ik een aantal wetsvoorstellen die in behandeling zijn, voor zover deze van belang zijn voor de bestuursrechtelijke praktijk. Als laatste ga ik kort in op aangekondigde wetten, regelgeving en projecten in het Regeerakkoord die mogelijk in 2018 in consultatie worden gebracht of worden ingediend.

Gewijzigde en nieuwe wet- en regelgeving per 1 januari 2018

1 januari is een belangrijke datum op de wetgevingskalender, omdat dan veel wijzigingen binnen de Nederlandse wet- en regelgeving in werking treden. Een paar voorbeelden van wijzigingen per 1 januari 2018:

  • Peuterspeelzalen worden kinderdagverblijven waardoor ouders vanaf 1 januari 2018 mogelijk recht hebben op een kinderopvangtoeslag. Verder moeten peuterspeelzalen voldoen aan de kwaliteitseisen die gelden voor kinderdagverblijven (Stb. 2017, 309 en Stb. 2017, 323).
  • Ook treedt het Besluit meldplicht cybersecurity in werking waardoor vitale aanbieders, onder meer drinkwaterbedrijven, netbeheerders en DNB, verplicht worden om ernstige ICT-incidenten te melden bij het Nationaal Cyber Security Center (Stb. 2017, 476).
  • Verder worden vervuilende brommers en snorfietsen vanaf 2018 uit de verkoop gehaald. Alle nieuwe brom- en snorfietsen moeten aan de nieuwe Euro 4 emissie-eisen voldoen (Verordening nr. 168/2013).

Voor wetgevingsjuristen is verder van belang dat er vanaf 1 januari een herziene versie van de Aanwijzingen voor de regelgeving (Stcrt. 2017, 69426) is verschenen. Voor een uitgebreid overzicht van wijzigingen per 1 januari 2018, zie Veranderingen of Nieuwe wetten per 1 januari 2018 op Overheid.nl.

Lopende wetsdossiers

Voor de bestuursrechtelijke rechtspraktijk is van belang dat een aantal interessante wetsvoorstellen voor advies bij de Raad van State ligt of inmiddels bij de Tweede Kamer is ingediend.

Wijzigingen Awb

De herziening van afdeling 2.3 van de Awb, de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer is na een consultatieronde in 2016, in 2017 doorgestuurd naar de Raad van State maar nog niet ingediend bij de Tweede Kamer. Volgens dit wetsvoorstel krijgen burgers en bedrijven het recht om formele berichten elektronisch aan de overheid te sturen. De verwachting is dat het voorstel in 2018 nog het Staatsblad haalt en in werking treedt. Alle bestuursorganen moeten nagaan of er maatregelen nodig zijn om aan de eisen van deze wet te voldoen en eventuele aanpassingen te implementeren. Het ministerie van BZK heeft voor het beantwoorden van eventuele vragen daarover een voorlopige handreiking gepubliceerd.

Ook het voorstel voor de Evaluatiewet bestuursrechtelijke geldschuldenregelingen Awb, met twee voorstellen tot wijziging van titel 4.4 Awb, is in 2017 naar de Raad van State gestuurd. De Raad van State heeft vrij snel daarna advies uitgebracht. Dit wetsvoorstel houdt in dat bestuursorganen de mogelijkheid krijgen om de betaling van voorschotten op te schorten en dat de positie van derden bij de inning van verbeurde dwangsommen wordt versterkt door de verjaringstermen op te schorten. Op dit moment is het nog niet bekend wanneer het wetsvoorstel aan de Tweede Kamer wordt aangeboden.

Digitalisering

De verdergaande digitalisering bij de overheid krijgt steeds meer vorm. Na de internetconsultatie van het concept voor het voorstel voor de Wet generieke digitale infrastructuur in 2017, is de naam van het wetsvoorstel inmiddels veranderd in Wet digitale overheid. Dit wetsvoorstel is eind 2017 voor advies aan de Raad van State gestuurd. De planning is dat het wetsvoorstel nog voor de zomer bij de Tweede Kamer wordt ingediend.

Het Besluit digitale toegankelijkheid overheid is in 2017 in consulatie gebracht. Het bevat de voorwaarden waar overheden aan moeten voldoen om digitale toegankelijkheid van websites en mobiele applicaties voor mensen met een beperking en ouderen te waarborgen. Het Besluit zet de Europese toegankelijkheidsrichtlijn (Richtlijn (EU) 2016/2102) om in bindende nationale regelgeving. Dit Besluit wordt op termijn gekoppeld aan de hiervoor genoemde Wet digitale overheid. Op dit moment wordt het Besluit nog aangepast naar aanleiding van de afgesloten internetconsultatie.

Ook de verdere uitrol van het verplicht digitaal procederen in het Programma Kwaliteit en Innovatie rechtspraak (KEI) gaat gestaag door. Vanaf 12 juni 2017 is het verplicht om digitaal te procederen in asiel- en bewaringszaken bij alle rechtbanken. Voor 2018 staat Bestuur 2.0 op de planning. Deze fase van het project betreft de digitalisering van reguliere vreemdelingenzaken, waarbij de IND partij is. Er komt vrijwillige pilot met de IND om digitaal te procederen in reguliere vreemdelingenzaken. Landelijke invoering van verplicht digitaal procederen in reguliere vreemdelingenzaken wordt begin 2019 verwacht. De planning voor alle overige bestuursrechtelijke zaken is nog niet bekend en zijn in 2018 niet ingepland.

Wet open overheid

Het voorstel voor de Wet open overheid, de beoogde vervanger van de huidige Wet openbaarheid van bestuur is in april 2016 door de Tweede Kamer aangenomen. Nadien zijn er twee rapporten verschenen over de kosten van de implementatie van de Wet open overheid voor overheidsorganisaties en is het wetsvoorstel is nog steeds aanhangig bij de Eerste Kamer. In het Regeerakkoord wordt aangegeven dat het nieuwe kabinet wil onderzoeken hoe de verruiming van openbaarheid vorm kan krijgen zonder de hoge kosten voor organisaties. Het kabinet wil hierover met de initiatiefnemers van het wetsvoorstel in overleg treden. De initiatiefnemers zijn akkoord met aanhouden van het wetsvoorstel totdat het in het Regeerakkoord aangekondigde overleg is afgerond.

Algemene verordening gegevensbescherming

Vanaf 25 mei 2018 is de Algemene verordening gegevensbescherming van toepassing in Nederland. Op 14 december 2017 is het wetsvoorstel voor een Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming bij de Tweede Kamer ingediend. De Verordening laat op verschillende punten ruimte voor een nadere nationale invulling van regels, die in de Uitvoeringswet zijn opgenomen. Zodra deze Uitvoeringswet is aangenomen door de Staten-Generaal, zal vanaf 25 mei 2018 een vernieuwd wettelijk kader gelden voor de bescherming van gegevens in Nederland. Met de inwerkingtreding van de Uitvoeringswet komt de Wet bescherming persoonsgegevens te vervallen.

Aangekondigde wetgeving in Regeerakkoord

In het Regeerakkoord Vertrouwen in de toekomst worden nieuwe wetten en projecten aangekondigd die van invloed zijn op de bestuursrechtelijke praktijk. Er wordt onder meer een Ondermijningswet aangekondigd om juridische knelpunten in de huidige aanpak van georganiseerde en ondermijnende criminaliteit op te lossen. In het akkoord worden verder experimenten met buurtrechters genoemd die zich met name richten op finale geschilbeslechting in juridisch eenvoudige zaken. Ook wordt er een Right to challenge-regeling besproken waarmee bewoners en lokale verenigingen de mogelijkheid krijgen om een alternatief voorstel in te dienen voor de uitvoering van collectieve voorzieningen in hun directe omgeving.

Voor bestuursrecht juristen blijven het interessante tijden met alle huidige wetsvoorstellen en nieuwe wet- en regelgeving die is aangekondigd in het huidige Regeerakkoord. De vraag blijft welke aangekondigde wetten, regelgeving en projecten daadwerkelijk door het nieuwe kabinet worden opgepakt in 2018.

Voor een overzicht van de verwachte ontwikkelingen en trends in het bestuursrecht lees het blog Bestuursrecht in 2018: wat staat ons te wachten?

Share This