Categorie: Jurisprudentie


CRvB en Afdeling: verzendtheorie geldt tevens voor aanbieding via andere postvervoerders dan PostNL

CRvB en Afdeling: verzendtheorie geldt tevens voor aanbieding via andere postvervoerders dan PostNL

De Centrale Raad van Beroep oordeelde op 16 juni 2020 dat zij onder verzending per post in de zin van artikel 6:9, tweede lid, Awb vanaf de datum van die uitspraak niet langer uitsluitend verzending via PostNL verstaat, maar ook verzending via een ander postvervoerbedrijf. Daarmee brengt de CRvB de uitleg die wordt gegeven aan artikel 6:9 Awb in lijn met het Europees recht. In een uitspraak van 15 juli 2020 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State deze lijn van de CRvB uitdrukkelijk bevestigd.

(meer…)

Schending notificatieplicht: de gevolgen voor de toepasbaarheid van het nationale voorschrift

Schending notificatieplicht: de gevolgen voor de toepasbaarheid van het nationale voorschrift

Verschillende Europese richtlijnen schrijven voor dat lidstaten de Europese Commissie in kennis moeten stellen van (nieuwe) nationale voorschriften: de notificatieplicht. Gedacht kan worden aan eisen aan dienstverrichters of digitale platforms zoals Airbnb. De notificatie stelt de Europese Commissie in de gelegenheid het voorschrift preventief te toetsen op verenigbaarheid met het Europese recht. In dit blog gaan wij aan de hand van recente voorbeelden uit de rechtspraak in op de vraag wat de gevolgen zijn als een voorschrift abusievelijk niet bij de Europese Commissie is gemeld. In al deze zaken werd betoogd dat het niet in kennis stellen van de Europese Commissie ertoe leidt dat het nationale voorschrift niet rechtsgeldig is. Heeft dit betoog kans van slagen en wat betekent dit praktisch voor de nationale wet- en regelgevers die voorschriften willen vaststellen? (meer…)

Beperkte kennisneming van dossierstukken vanwege gewichtige redenen: een overzichtsuitspraak van de Afdeling

Beperkte kennisneming van dossierstukken vanwege gewichtige redenen: een overzichtsuitspraak van de Afdeling

Procespartijen hebben recht op kennisneming van alle stukken uit het dossier. In het bestuursrecht kan, als daar gewichtige redenen voor zijn, een uitzondering op dit uitgangspunt worden gemaakt. Daarbij zijn er twee smaken: de partij weigert volledig om de stukken te overleggen of de partij deelt mede dat uitsluitend de bestuursrechter van de stukken kennis mag nemen. De bestuursrechter beslist vervolgens of de weigering dan wel beperking van de kennisneming gerechtvaardigd is (artikel 8:29, derde lid, Awb).

Op 10 juni 2020 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) een handzame en voor de praktijk behulpzame overzichtsuitspraak gedaan over verzoeken om beperkte kennisneming van stukken op grond van artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In dit blog bespreken wij de door de Afdeling genoemde hoofdlijnen en voegen daar hier en daar een praktische opmerking aan toe. (meer…)

Hoger beroep door bestuursorganen: voorkom procesbesluitstress!

Hoger beroep door bestuursorganen: voorkom procesbesluitstress!

Het instellen van (incidenteel) hoger beroep tegen een rechtbankuitspraak door (of namens) een bestuursorgaan vraagt bijzondere aandacht voor de bevoegdheid van de ambtenaar die het hoger beroep instelt. Het ontbreken van een (bevoegd genomen) procesbesluit leidt tot niet-ontvankelijkheid van een (incidenteel) hoger beroep. De rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op dit punt is onverbiddelijk: het ontbreken van een procesbesluit en de onbevoegdheid van de ambtenaar die het hoger beroep instelde, kunnen slechts gedurende de termijn voor het instellen van het (incidenteel) hoger beroep worden hersteld en bekrachtiging in een later stadium van de procedure is niet mogelijk.

Het is dus zaak om dergelijke technische fouten bij het instellen van (incidenteel) hoger beroep tijdig te onderkennen en te herstellen. Dat het niet altijd goed gaat, en dat gemeentelijke organisaties er goed aan doen om hun bevoegdheidsregelingen omtrent het besluiten tot (en het daadwerkelijk instellen van) rechtsmiddelen up to date te houden, illustreert de Afdelingsuitspraak van 22 april 2020. (meer…)

Artikel 47 Participatiewet strekt niet tot bescherming individuele belangen leden cliëntenraad

Artikel 47 Participatiewet strekt niet tot bescherming individuele belangen leden cliëntenraad

Op 7 april 2020 heeft de Centrale Raad van Beroep (CRvB) een uitspraak  gedaan waarin hij heeft geoordeeld dat artikel 47 van de Participatiewet (PW) niet strekt tot bescherming van de individuele belangen van leden van een cliëntenraad. Het relativiteitsvereiste van artikel 8:69a Awb verzet zich daarom tegen een geslaagd beroep door de individuele leden op artikel 47 PW. Daarmee bevestigt de CRvB een eerdere uitspraak. (meer…)

Ook een bestuursrechtelijke weg voor schadevergoeding bij schending AVG

Ook een bestuursrechtelijke weg voor schadevergoeding bij schending AVG

In vier uitspraken van 1 april 2020 heeft de Afdeling de weg naar de bestuursrechter geopend voor verzoeken om schadevergoeding voor onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens door bestuursorganen. Dat het daarbij gaat om schade als gevolg van feitelijk handelen, staat niet in de weg aan de bevoegdheid van de bestuursrechter. Wel moet er een verband zijn met een besluit over de gegevensverwerking, bijvoorbeeld naar aanleiding van een verwijderingsverzoek of een bezwaar tegen een gegevensverwerking. Voor de bevoegdheid van de bestuursrechter is echter niet bepalend of dat besluit zelf onrechtmatig is. Ook los daarvan mag de bestuursrechter zich buigen over de schade die zou zijn veroorzaakt door de gegevensverwerking waar het besluit betrekking op heeft. Voor claims tot €25.000 is dat niet langer het exclusieve terrein van de burgerlijke rechter, ondanks het gegeven dat het om schade door feitelijk handelen gaat. Daarmee heeft de Afdeling baanbrekende uitspraken gedaan over de reikwijdte van de bestuursrechtelijke schadevergoedingsprocedure. (meer…)